Transitie naar een betrokken samenleving
In de hervorming van de langdurige zorg speelt de nieuwe Wmo een belangrijke rol. De nieuwe Wmo maakt het mogelijk dat meer mensen met ondersteuning en zorg thuis kunnen blijven wonen. In de nieuwe Wmo zijn gemeenten verantwoordelijk voor ondersteuning van burgers. Deze ondersteuning is voor verschillende doelen beschikbaar, zoals verzorging, begeleiding en participatie.
TransitieBureau
De decentralisatie van de extramurale begeleiding, persoonlijke verzorging en kortdurend verblijf, kortweg de transitie, moet natuurlijk goed verlopen. Gemeenten, aanbieders en cliëntenorganisaties moeten zich voorbereiden. Het TransitieBureau Wmo ondersteunt daarbij. Het ondersteuningsaanbod is veelzijdig, van stappenplan en handreikingen tot bijeenkomsten en praktijkvoorbeelden. U vindt het ondersteuningsaanbod op deze website. Daarnaast treft u achtergrondinformatie en veelgestelde vragen. Mist u toch informatie? Neem dan contact op met de helpdesk Wmo: of .
De nieuwe Wmo in grote lijnen
Gemeenten zijn straks verantwoordelijk voor ondersteuning van burgers. Er blijft meer budget beschikbaar dan eerder was voorzien. Voor huishoudelijke ondersteuning 60% (€530 mln extra) in plaats van 25% van het budget. Er komt een recht op het persoonsgebonden budget, onder stringente voorwaarden en fraudebestendig. Daarnaast wordt €50 miljoen uitgetrokken om sociale wijkteams in te richten. Cliëntondersteuning blijft bestaan, de AWBZ-middelen hiervoor worden overgeheveld naar gemeenten. Verder voorziet de nieuwe Wmo in een vangnet waarmee gemeenten steun kunnen bieden. Dit gebeurt via Wmo-voorzieningen of inkomenssteun via de bijzondere bijstand. Het budget hiervoor loopt op tot ruim €700 miljoen in 2017. De huidige landelijke regelingen voor inkomenssteun verdwijnen.
2014
In 2014 blijft extramurale dagbesteding beschikbaar, net als de extramurale persoonlijke verzorging. En huishoudelijke hulp blijft ook voor nieuwe cliënten beschikbaar.
Meer weten over de hervorming van de langdurige zorg? Lees de .